Hoofdlijnen Jaarverslag 2018

Datum

19 juli 2019

Ons pensioenfonds

Stichting Pensioenfonds ERIKS (hierna aangeduid als ‘SPE’ of ‘het fonds’) is het ondernemingspensioenfonds van ERIKS Nederland en heeft als doel het zo goed mogelijk uitvoeren van de pensioenregeling van ERIKS nv, ERIKS bv en ERT bv (hierna: ERIKS).

 

Betrokkenen van het pensioenfonds per 13 juni 2019

Het fonds kent een bestuur, bestaande uit vertegenwoordigers namens de werkgever, namens de deelnemers en namens de pensioengerechtigden. Namens de werkgever zitten Paulien Siegman (voorzitter) en Jan van Leeuwen (als opvolger van Gerard van de Kuilen) in het bestuur. Namens de deelnemers Henk van den Heuvel en Bob Bessem (als opvolger van Joep van der Varst) en de pensioengerechtigden worden vertegenwoordigd door Kees Karhof.


pfe-hoofdlijnen-jaarverslag-2017-afb-1.jpgSPE kent ook een verantwoordingsorgaan. Dit orgaan bestaat ook uit vertegenwoordigers namens de werkgever, namens de deelnemers en namens de pensioengerechtigden. Namens de werkgever: Vincent Geerdink (voorzitter). Roos Bos-Lutgens en Jurne Smink zijn lid namens de deelnemers. Wopke Kooistra is in 2019 teruggetreden. Frans Koolbergen is lid namens de pensioengerechtigden. Ben Effing is aspirant lid namens de pensioengerechtigden. Het bestuur vraagt het verantwoordingsorgaan om advies en spreekt regelmatig met het verantwoordingsorgaan over het wel en wee van SPE. Bovendien moet het bestuur jaarlijks verantwoording aan dit orgaan afleggen.

 

Het fonds wordt ondersteund door Harry van den Berg (operationeel manager), Ingeborg Agema (fondssecretaris) en compliance officer Arie Kruijt.

Deelnemers

SPE beheert de pensioengelden van alle (oud) deelnemers en hun nabestaanden bij ERIKS. Eind 2018 waren er 1.114 werknemers deelnemer in de pensioenregeling (+79 ten opzichte van vorig jaar). Oud deelnemers: 972 (+54). Pensioengerechtigden: 459 (+14).

Pensioenregeling en pensioenopbouw

De deelnemers van SPE bouwen een pensioen op dat is gebaseerd op het gemiddelde loon. Het opbouwpercentage in 2018 was 1,6% van de pensioengrondslag (het salaris verminderd met het salarisdeel waarmee rekening wordt gehouden dat er ook recht bestaat op een AOW-uitkering (de franchise)). De werkgever betaalt een vaste pensioenpremie van 13% van de salarissom. De werknemer draagt verplicht 5% van de pensioengrondslag bij. Als de totale premie te laag is voor de pensioenkosten die er tegenover staan, dan wordt er minder pensioen opgebouwd in dat jaar. De werkgever heeft in 2018 besloten € 185.000 extra premie te betalen. Mede daardoor kon er toch, net als in 2017, 1,6% van uw pensioengrondslag aan ouderdomspensioen worden opgebouwd.

Financiële positie SPE

SPE beheert de pensioengelden van alle (oud) ERIKS deelnemers. Het is belangrijk dat het fonds voldoende geld beschikbaar heeft. Dit wordt uitgedrukt in de dekkingsgraad.
De financiële positie van SPE is helaas niet goed. De nominale dekkingsgraad is in 2018 gedaald en komt op 31 december 2018 uit op 99,2% (2017: 103,2%). De nominale dekkingsgraad houdt in dat we voor elke €100 die in de toekomst moet worden uitgekeerd op 31 december 2018 € 99,20 beschikbaar hebben.
De beleidsdekkingsgraad bedraagt op 31 december 2018 102,6% (2017: 101,4%). De
beleidsdekkingsgraad is het gemiddelde van de nominale dekkingsgraden van de afgelopen 12
maanden.


De ontwikkeling van de beleidsdekkingsgraad is direct van belang voor:

  • het toekennen van toeslagen (indexeren) dan wel toepassen van kortingen op de pensioenen,
  • het signaleren of SPE zich in een crisissituatie (de dekkingsgraad is lager dan de minimaal vereiste dekkingsgraad, te weten 104,4%) bevindt, en
  • het al dan niet kunnen meewerken aan waardeoverdracht of afkoop van pensioenaanspraken.

 

Omdat de dekkingsgraad ook dit jaar niet voldoende was, heeft het bestuur de pensioenen niet mogen indexeren (verhogen). Daarvoor moet de dekkingsgraad minimaal 110% zijn. Gezien de financiële situatie is de kans op indexatie de komende jaren klein. Uiterlijk op basis van de dekkingsgraad eind 2020 beslist het bestuur of er moet worden gekort. Gezien de ontwikkelingen in 2019 is de kans op korten begin 2021 groot.

Beleggingsresultaat

Het pensioenfonds belegt voor circa 30% in aandelen. Het overige vermogen wordt minder risicovol belegd, namelijk in zogenaamde vastrentende waarden. Het rendement op ons beleggingen bedroeg in 2018 min 0,67% (2017: plus 4,11%).pfe-hoofdlijnen-jaarverslag-2017-afb2.jpg

De belangrijkste reden dat deze beleggingsresultaten lager zijn uitgevallen dan in 2017 is de flinke daling van de beurskoersen in het laatste kwartaal van 2018. Ter illustratie: de AEX-index daalde van 544,58 in deze drie maanden naar 487,88.
Daarnaast daalde de te hanteren rente van 1,52% naar 1,41%. Met deze rente berekenen we hoeveel geld we als fonds moeten hebben om in de toekomst alle pensioenen uit te kunnen betalen. Door de daling van de rente stijgt de waarde van de pensioenverplichtingen en daarmee daalt de dekkingsgraad.

Maatschappelijk verantwoord beleggen

Het bestuur heeft in 2018 gesproken over Maatschappelijk Verantwoord Beleggen (MVB) en kiest vanwege de kleine omvang van het fonds voor de gestandaardiseerde opties voor MVB die door onze vermogensbeheerder worden aangeboden. Uiteraard wordt altijd voldaan aan de wettelijke eisen inzake Maatschappelijk verantwoord beleggen. Bijvoorbeeld het uitsluiten van beleggen in bedrijven die controversiële wapens produceren.

Hoofdlijnen aandachtspunten bestuur

De belangrijkste aandachtspunten voor het bestuur in 2018 waren:

  • Het opstellen van het herstelplan en het uitvoeren van de haalbaarheidstoets.
  • Het evenwichtig afwegen van alle belangen in de besluitvorming.
  • Het contact onderhouden met de werkgever en het verantwoordingsorgaan, mede met als doel om de toekomstvisie van het Pensioenfonds verder te gaan vormgeven.
  • De communicatie met belanghebbenden, onder meer door het voor het eerst uitbrengen van een verkorte versie van het jaarverslag en het (wederom) houden van Lunch & Learn sessies over pensioen.
  • Het risicomanagement en de implementatie van de nieuwe IORP II wetgeving.
  • Het monitoren van de beleggingen op basis van de Verklaring Beleggingsbeginselen.
  • De gevolgen van de Algemene Verordening Gegevensbescherming
  • Onderhouden en uitbreiden van de deskundigheid, door het volgen van individuele en collectieve trainingen en het bijwonen van diverse seminars.

Communicatie

Het bestuur vindt het belangrijk om duidelijk en open met de deelnemers te communiceren over de pensioenregeling. De communicatie richt zich vooral op de verwachtingen over de hoogte van de pensioenuitkering, de (verwachte) indexatie van de pensioenen en op de mogelijkheid dat pensioenen kunnen worden gekort ingeval de financiële positie van SPE niet voldoende is. Ook in 2018 zijn maandelijks op de website de dekkingsgraad en eventuele verwachtingen omtrent de financiële situatie gecommuniceerd. Ook is op de website veel andere informatie over het SPE-pensioen te vinden. Alle deelnemers werden geïnformeerd over de stijging van de pensioenrichtleeftijd van 67 naar 68 jaar.

 

pfe-hoofdlijnen-jaarverslag-2017-afb3.jpg

Om de deelnemers bewuster van hun pensioen te maken zijn er in 2017 en begin 2018 Lunch & Learn sessies gehouden waarbij de nadruk lag op de persoonlijke pensioensituatie met onder andere het Uniform Pensioen Overzicht (UPO). Ook de website van SPE pensioenfondseriks.nl en de site mijnpensioenoverzicht.nl bevat veel informatie over de pensioenregeling, waaronder de nieuwsbrieven, en wordt regelmatig voorzien van nieuwe informatie.

Tot slot werd in 2018 voor het eerst een jaarverslag op hoofdlijnen over 2017 gepubliceerd.

Toezichthouders

Het fonds en haar bestuur wordt jaarlijks gecontroleerd door diverse organen en personen. Aan het verantwoordingsorgaan heeft het bestuur over boekjaar 2018 verantwoording afgelegd. Daarnaast hebben een onafhankelijke accountant en een onafhankelijke actuaris onze cijfers en verslaglegging over 2018 goedgekeurd. Onze visitatiecommissie, bestaande uit 3 onafhankelijke pensioendeskundigen, heeft bovendien het fonds doorgelicht en is met een positieve beoordeling gekomen. Daarnaast houdt De Nederlandsche Bank formeel toezicht op SPE. In 2018 heeft het fonds geen opmerkingen of aanbevelingen van DNB ontvangen.

Verwachtingen

In het eerste kwartaal 2019 is de beleidsdekkingsgraad gedaald van 102,6% naar 101,8%. Dat betekent dat de minimaal vereiste dekkingsgraad van 104,4% nog niet in zicht komt. Een korting in de (nabije) toekomst niet valt hierdoor uit te sluiten.

 

De onzekerheid over het verdere herstel ligt hoofdzakelijk in de ontwikkeling van de rente en het te behalen rendement op de beleggingsportefeuille.

Een langdurige lage rentestand blijft het grootste risico voor SPE. De renteontwikkeling gevoegd bij de wettelijke eisen rondom de financiële huishouding van SPE zorgen ervoor dat de kans om de komende jaren de pensioenaanspraken te indexeren minimaal is.

De werkgever heeft haar plannen toegelicht om de pensioenregeling anders vorm te geven, waarbij de uitvoering niet meer bij het fonds komt te liggen. Het moment waarop de uitvoering bij een andere partij zal worden ondergebracht is thans nog niet bekend.

De eigen verantwoordelijkheid van het bestuur maakt het noodzakelijk dat er opnieuw wordt nagedacht over de toekomst van SPE. Dit is op dit moment de topprioriteit voor het bestuur. Doelstelling is om de bij SPE opgebouwde pensioenen op termijn over te dragen en het pensioenfonds op te heffen. Dit is een complex en intensief traject, waarbij we het verantwoordingsorgaan als afspiegeling van de stakeholders ((gewezen) deelnemers, pensioengerechtigden en de werkgever) hebben betrokken en blijven betrekken. Het bestuur zal de stakeholders hierover uitgebreid gaan informeren als er concrete stappen worden gemaakt.

 

Het volledige jaarverslag is te bekijken op de website van SPE: https://pensioenfondseriks.nl/